|
|
 |
Koninginnedag |
 |
 |
Rommelmarkt, snuffelmarkt, vlooienmarkt: allemaal vrijmarkten!
In de stad en in de dorpen. In Arnhem, Nijmegen, Mook en Groesbeek
Hoera. 30 april. Het is Koninginnedag. Met een beetje geluk schijnt op 30 april het zonnetje volop en trekken we
er massaal opuit. Van rommelmarkt naar snuffelmarkt en van snuffelmarkt naar rommelmarkt. De koningin zelf trekt er
ook op uit. Met haar hele familie bezoekt ze twee plaatsen in Nederland. Niet naar de rommelmarkt. Nee, zij kijkt naar
al die mensen die haar verjaardag met haar willen vieren. Al die mensen die spelletjes doen of een dansje
maken.
In iedere stad of dorp in Nederland is wel iets te doen. Een versierde-fiets-optocht, de harmonie en ja ja, de
rommelmarkt. Veel Nederlanders bewaren al hun rommel voor 30 april. Op die dag gaan ze met een kleedje naar het
park of het dorpsplein. Ze leggen hun spullen neer en vragen er geld voor. In Mook, een plaatsje in Noord-Limburg,
is er meestal wel wat leuks te doen. In het vlak daarbij gelegen Gelderse plaatsje Groesbeek is ieder jaar een
rommelmarkt. Tegenover het gemeentehuis. Een kleine rommelmarkt, waar vooral kinderen hun speelgoed te koop
aanbieden.
Rommelmarkt, Goffertpark in Nijmegen
Koninginnedag is een nationale feestdag in Nederland en op Nederlandse Antillen en Aruba. Koninginnedag
wordt gevierd op 30 april. De dag wordt gevierd met verschillende festiviteiten. In veel plaatsen is het de avond
ervoor ook feest. Dat is de ‘koninginnenacht‘. In veel plaatsen is een rommelmarkt, ook wel snuffelmarkt
of vrijmarkt genoemd.
Sinds 1980 wordt in jaren waarin Koninginnedag op een zondag valt, de dag op zaterdag 29 april gevierd.
|
Geschiedenis
Op 31 augustus 1885 werd de eerste ‘Prinsessedag‘ georganiseerd. Dit was de vijfde verjaardag van de jonge
prinses Wilhelmina. Dit was bedoeld om de nationale eenheid te benadrukken. Na de dood van koning Willem III in 1890,
werd Prinsessedag opgevolgd door de viering van ‘Koninginnedag‘. Deze dag ontwikkelde zich tot
een feestdag voor kinderen. Tot 1948 werd Koninginnedag op 31 augustus gevierd.
In 1949 werd Juliana koningin van Nederland. Koninginnedag werd gevierd op haar verjaardag, 30 april. Op het bordes
van paleis Soestdijk ontving zij vele Nederlanders, die met bloemen en cadeaus langs kwamen. 30 April is een
landelijke feestdag.
Bij de troonopvolging op 30 april 1980 besloot koningin Beatrix deze dag in stand te houden. Een praktische
overweging was dat het op haar eigen verjaardag (31 januari) het weer, in tegenstelling tot eind april, niet geschikt
was voor een grootschalig buitenevenement. Beatrix veranderde ook de vorm van Koninginnedag.
Feesten
Koningin Beatrix bezoekt op Koninginnedag samen met zo veel mogelijk familieleden één of (meestal) twee plaatsen
in Nederland. De laatste jaren zijn dat meestal een (kleine) plaats en een wat grotere provinciestad in één
omgeving.
Rommelmarkten, snuffelmarkten
Op Koninginnedag hebben mensen geen vergunning nodig om op straat te verkopen. Dit soepele beleid leidt tot
uitgebreide vlooienmarkten of vrijmarkten. Soms legt een burgemeester uit veiligheidsoverwegingen de verkoop
van bijvoorbeeld voedsel en drank nog wel eens aan banden.
Bovendien worden er op veel plaatsen uitgebreide openluchtfeesten gehouden. Vooral Amsterdam staat bekend om zijn
grote vrijmarkt en trekt elk jaar rond de half miljoen bezoekers. Behalve Amsterdammers zelf zijn er natuurlijk ook
vele duizenden bezoekers uit de rest van het land en een groot aantal buitenlandse bezoekers. Voor veel toeristen
is "Queen‘s Day" een van de belangrijkste evenementen van het jaar in Amsterdam.
|
Koninginnedag 2008
Dit jaar bezoekt de Koningin de provincie Friesland. Ze gaat naar Makkum en Franeker.
De tussen-n
Waarom Koninginnedag en niet Koninginnendag?
Waarop koninginnensoep?
Op een website van een tekstbureau moet dit probleem toch wel even onder de aandacht gebracht worden:
het probleem van de tussen-n.
Sinds de nieuwe spelling van 1995 én de aangepaste versie hiervan in 2006 blijft het hommeles met de tussen-n.
Uitgangspunt is dat het om een samenstelling moet gaan. Dat betekent dat twee (of meer) zelfstandig
naamwoorden aan elkaar gekoppeld moeten worden. De regel is
- Als het eerste deel van de samenstelling in het meervoud eindigt
op een n, dan schrijf je een n. Dus: boon, meervoud is bonen en daarom schrijven we bonensoep
- Als het eerste deel van de samenstelling in het meervoud een s
of een n krijgt of alleen een -s uitgang heeft: geen tussen-n. Voorbeeld: gemeente. Meervoud is
gemeentes en gemeenten, dus: gemeentehuis.
- Als het eerste deel uniek is: geen tussen-n: zonnestelsel
- Als het eerste deel versterkend is; geen tussen-n: apetrots
- Als het eerste deel een vrouwelijke nevenvorm heeft: studentenkamer
Het geval van de koningin valt onder regel 3. De koningin is uniek. Vandaar. Helaas is ze niet uniek
in de soep, want ze zit niet in de soep, vandaar: koninginnensoep. Tja, het is niet eenvoudig!
|
|
 |
 |
|