ik hang pa in de heg…

Ik hang pa in de heg…
Het is alweer dinsdag. Gewapend met een pan eten voor vandaag en gehaktballetjes voor morgen ga ik richting Velp. De sfeer is redelijk. We drinken een kopje koffie, praten wat over niets en hoe gaat het met jou Net? Goed zeker…. Ik doe even de wc’s, als ze niet kijken, ruik aan het vaatdoekje, trek een bed recht en bemoei me met nog meer zaken die eigenlijk mijn zaken niet zijn, maar toch een beetje wel. De gordijnen zijn versleten op de plekken waar ze ze altijd beetpakken en ze hebben bedacht dat ze omgehangen moeten worden. Pa heeft een trap klaargezet, de bank al wat opzij geschoven en goddank is hij zo wijs geweest het verder aan mij over te laten en niet zelf op de trap te klimmen. Het klusje is snel geklaard. Er zijn nog hier en daar wat gaatjes. Met naald en draad – ik krijg nauwelijks de draad door het oog, shit zeg, lastig, oud worden- repareer ik de gaatjes. Het zijn gordijnen met drukke patronen. Je ziet er niets van. Omdat het zonnetje waterig schijnt, vraag ik of pa meegaat een eindje lopen. Ja. Schoenen aan, jas aan, stok pakken en een kwartiertje later gaan we op pad. “Ik loop eigenlijk best goed”, zegt hij. Mooi. Ik merk het niet, we worden links en rechts door schildpadden ingehaald, maar het is fijn dat hij het zo voelt. Na tien minuten keren we om. Het gaat steeds langzamer. Wanneer we het huis in de verte zien, gaat het echt niet meer. Zijn linkerbeen is totaal verlamd en hij zakt langzaam maar zeker door zijn hoeven. Gelukkig is er een grote heg. Ik hang pa in de heg, beveel hem dat hij zich vast moet houden en hol naar huis. Rolstoel pakken en pa erin hijsen. De schrik zit erin. De dokter neemt het serieus en staat vrij snel op de stoep. Niets te zien, niets te merken. Pa krijgt alweer wat kleur, zit lekker met zijn benen omhoog en hijst weer wat zelfvertrouwen naar binnen. Nu, 5 dagen verder, is het bijna vergeten. Het mooie van dit is, dat iedereen schrikt. Hij mag dan af en toe een lastige ouwe zijn, maar als hij tegen de dood aanschurkt, gaan de alarmbellen rinkelen, vooral bij de kleinkinderen die allemaal opeens bij opa en oma op bezoek zijn geweest.